Bovenbalk

droomouders

Het Ouderbureau – Droomouders?

Welk kind wenst zijn ouders niet af en toe naar de maan? Of zou de voorkeur geven aan andere ouders? Wanneer Barry Binder uit Londen, 9 jaar (bijna 10) op een avond ruzie krijgt met zijn vader over zijn aanstaande verjaardagspartijtje, wenst hij betere ouders. Tot zijn stomme verbazing gaat die wens in vervulling.

Barry komt terecht in ‘Jongden’ waarin waar kinderen hun ouders mogen kiezen. Aan de hand van zijn ‘geheime lijstje’ waarop staat wat er aan zijn ouders mankeert – saai, altijd moe, streng, niet beroemd, arm – mag Barry andere ouders uitzoeken, en graag een beetje snel want hij heeft nog maar vijf dagen de tijd. Vóór zijn tiende verjaardag moet hij gekozen hebben, want anders….Wat er gebeurt als Barry niet op tijd kiest, blijft onduidelijk. Dat maakt het spannend.

De ‘nieuwe’ ouders hebben allemaal iets wat Barry graag wil; ze zijn ongelooflijk rijk, gigantisch beroemd, immens actief of enorm toegeeflijk. Dat zorgt voor komische situaties. In de zwart-wit tekeningen doet de tekenaar er nog een schepje bovenop. Zo begint het boek met een tekening van het gezin Binder aan de ontbijttafel. Barry’s magere vader heeft sullig hangende schouders. Barry’s tweelingzusjes, de lievelingetjes van zijn ouder grijnzen breeduit en moeder, met een belachelijk hoog kapsel, kijkt angstvallig over het randje van het aanrecht. Barry ziet er met halfdichte ogen superverveeld uit; het is overduidelijk dat hij zich niet op zijn gemak voelt.

Een opvallend detail is de ‘onesie’ in de vorm van een zebra, die Barry draagt wanneer hij in Jongden terechtkomt. Daarmee lijkt hij  op Max uit het beroemde prentenboek Max en de Maxi-monsters van Maurice Sendak. Barry wordt, net als Max, naar zijn kamer gestuurd. Bij Max blijft aan het einde onduidelijk wat er nu precies is gebeurd. Daardoor blijft het spannend en is het interessant om over dat boek te praten. Het Ouderbureau eindigt met een uitgebreide uitleg, zoals in Engelse detectives op tv ook vaak gebeurt. Van de spanning blijft daardoor niet zoveel over.

De schrijver is een bekende Britse komiek en dit is zijn eerste (kinder)boek.  Dat het vertaald is uit het Engels merk je aan sommige woorden in de tekeningen en aan typisch Engelse grapjes. Het moet voor de vertaler niet gemakkelijk zijn geweest om die in geestig Nederlands te vertalen. Dat lukt niet altijd, zoals bij Nelson-De-Pestkop-Uit-De-Simpsons-Zuil, op de plattegrond van Jongden. Soms zijn de grapjes ronduit flauw. Barry is fan van voetballer Lionel Messi en krijgt in zijn nieuwe wereld de kans om met het ‘Verenigd Kinderrijk’ tegen ‘Jongarije’ samen te spelen met Lionel Forki.

Het verhaal is origineel bedacht en zit vol fantasie, maar na enkele hoofdstukken kun je voorspellen hoe het met de wensen van Barry afloopt. Ook ‘de moraal van het verhaal’ ligt er vrij dik bovenop. Door de grote letters met veel wit tussen de regels en de illustraties leest het gemakkelijk. Een boek voor jongens die eigenlijk niet zo van lezen houden, en dan vooral voor wie maar niet genoeg kan krijgen van dit soort humor na David Walliams (Oma Boef, De waanzinnige tandarts) of Jeff Kinney (Leven van een loser).

David Baddiel (tekst) en Jim Field (illustraties)

Veltman Uitgevers, 2015

Reacties gesloten.