Bovenbalk

spinder

Spinder – Een broedertwist en een groot geheim

Spinder heet eigenlijk Hidde en is 11 jaar. Sinds de mysterieuze dood van zijn oudste broer Ward draait Hidde’s leven om de vele insecten die hij drie jaar lang in zijn ‘lab’ in de kelder heeft verzameld. Hij bestudeert hun gedrag en vergelijkt de mensen in zijn omgeving met de beestjes. Zijn bijnaam ontleent hij aan een experiment waarin hij een vlinder en een spin kruist. Met dit zelfgemaakte insect probeert hij indruk te maken op zijn klasgenootje Lieke, wat jammerlijk mislukt.

Hidde woont samen met zijn moeder en zijn oudere broer Jeppe. Een vader is er niet. Net als bij de mieren is zijn vader “(…) ooit weggevlogen”’ De broers delen een verschrikkelijk geheim. Op een dag eist Jeppe de kelder op om te kunnen oefenen op zijn drumstel. Hidde moet ‘opzouten,’ maar kan dat niet. “Ik kan mijn insecten niet kwijtraken. Dan heb ik niets meer.”  Diezelfde dag begint Hidde in een ‘schrift’ de gebeurtenissen rondom hun strijd om de kelder op te schrijven in dagboeknotities, plattegronden en tekeningen van zijn insecten en de mensen om hem heen. De spanning leidt tot een ware oorlog tussen de broers met gemene pesterijen over en weer. Wanneer Hidde openlijk dreigt hun geheim te onthullen krijgt dit bijna onherstelbare gevolgen.

Spinder is geschreven in de vorm van een dag- of logboek. Hidde (de ‘ik’ in het verhaal) neemt de lezer in vertrouwen. Hij spreekt je rechtstreeks aan. Daardoor wordt je als het ware in het verhaal getrokken. Het hele verhaal wordt bepaald door de vraag welk geheim ertoe heeft geleid dat Hidde en Jeppe een ‘deal’ hebben gesloten over het gebruik van de kelder, waarvan hun moeder niet eens het bestaan kent. Het boek is daardoor ontzettend spannend; je wilt weten wat er is gebeurd. Ondanks de ernstige situatie tussen de broers, is er ook genoeg reden om te lachen. Om de experimenten die Spinder verzint, om de grappige woordspelingen en om de tekeningen die Karst-Janneke Rogaar bij het verhaal maakte. Ze bestudeerde kindertekeningen voordat ze zelf begon te tekenen. Dat maakt het heel herkenbaar.

Omdat het zo spannend is, heb je de neiging om heel snel door te lezen. Daardoor mis je wel eens een grap of een bijzondere opmerking. Het is een boek om te herlezen, om over na te denken en met elkaar over te praten. Of het tussen de broers ooit nog goed komt? Lees daarvoor de briefjes die Jeppe in het schrift heeft geschreven maar eens goed na.
Bekroond met een Gouden Griffel (2013).

Simon van der Geest (tekst) en Karst-Janneke Rogaar (illustraties)

Querido, 2012

Reacties gesloten.