Bovenbalk

Stranders

Stranders – Huiveringwekkend spannend debuut

Job heeft er schoon genoeg  van. Altijd moet hij op zijn vijfjarige zusje Kaatje passen. Op de dag dat hij de belangrijkste voetbalwedstrijd van het jaar moet spelen, is het weer zo ver. Job laat zijn zusje alleen thuis en wenst haar toe: “Ik wou dat je je eigen nachtmerrie was, in plaats van die van mij. Op een plek waar ik nooit meer last van je had.” Wanneer Job na een geslaagde dag weer thuiskomt, is Kaatje verdwenen….

Een vreemde man schiet te hulp, zo lijkt het, maar waar komt hij ineens vandaan? Job belandt in de wonderlijke wereld van de Stranders waarin niets is wat het lijkt. Wie kan hij nog vertrouwen? Steeds wanneer je denkt dat het niet erger kan, raakt Job verder in de problemen.

Dit is het eerste boek van Iris Stobbelaar en het is razend spannend. Het meeslepende verhaal is slim opgebouwd. De titels van de korte hoofdstukken maken nieuwsgierig. De mysterieuze zwart-wit tekeningen boven elk hoofdstuk verklappen, als je goed kijkt, al iets van de inhoud. De hoofdstukken eindigen meestal met een cliffhanger. Je wílt weten wat er met Kaatje is gebeurd en of Job haar terugvindt, dus blijf je doorlezen in dit verhaal, dat steeds fantastischer wordt en toch (op het nippertje) geloofwaardig blijft.

De wereld van de Stranders waar Job in terecht komt, lijkt op de onze en toch ook weer niet. Dat doet denken aan de fantasiewerelden van Harry Potter (J.K. Rowling), Tiuri (Brief aan de Koning en Geheimen van het wilde woud van Tonke Dragt), De kronieken van Narnia (C.S. Lewis) en De kleine kapitein (Paul Biegel). De auteur bedacht nieuwe woorden, als Rilverkilt, Gruimveld en Raaskalkgebergte voor gebieden die net zo eng zijn als ze klinken. Op een plattegrond voor- en achterin het boek is de avontuurlijke zoektocht van Job goed te volgen.

De schrijfster volgde een opleiding aan de toneelacademie van Maastricht. Die achtergrond komt terug in nauwkeurige beschrijvingen van de omgeving, de weersomstandigheden, de personages en van spannende gebeurtenissen. Het lijkt soms net een film; de filmrechten zijn dan ook al verkocht. Op haar website vertelt de auteur dat ze van mythen houdt. Ook dat zie je terug in het boek, bijvoorbeeld in het wonderlijke verhaal van meneer en mevrouw Zonneman, waarmee de wereld van de Stranders ooit begon. Op een verrassende manier komt Job hen allebei in zijn zoektocht enkele keren tegen.

Wie veel (oude) verhalen kent, vindt in dit boek allerlei sprookjesachtige verwijzingen daarnaar; een vogel die van kleur verandert, een rivier die moet worden overgestoken, het Desdemonawater. Het is niet erg wanneer je die andere verhalen niet kent, want Stranders is een goed opgebouwd en spannend en soms ook grappig verhaal. Maar wordt nog leuker wanneer je (later) die andere verhalen leest. Of met iemand anders, vrienden, (groot)ouders, meester of juf over dit boek praat. Tussen de regels door leert Job hoe belangrijk het is om keuzes te maken en door te zetten, ook als het tegenzit. “Angst is als een thermometer, gebruik het niet als kompas.” Een ander belangrijk advies aan Job is: “Volg je hart, dat is het enige gereedschap dat je hebt. Met je hart heb je het laten gebeuren en alleen daarmee kun je het weer ongedaan maken.” Of dat lukt, blijft tot het laatste hoofdstuk spannend. Het slot laat ruimte voor een mogelijk vervolg; iets om naar uit te kijken!

Iris Stobbelaar (tekst) en Maaike Putman (illustraties)

Uitgeverij Ploegsma, 2015

Reacties gesloten.